Hoe werkt adaptive cruise control?
Een radarsensor in de grille of bumper, vaak aangevuld met een camera achter de voorruit, meet de afstand en snelheid van het verkeer vóór je. Je stelt een snelheid en een volgafstand in (meestal in drie of vier stappen). De auto gast en remt zelf binnen die grenzen. Systemen met "Stop & Go" remmen door tot stilstand en rijden in de file weer weg.
Gecombineerd met rijstrookassistentie die de auto in het midden van de rijstrook houdt (bijvoorbeeld Volkswagen Travel Assist, Tesla Autopilot, Mercedes Distronic met Steering Assist, BMW Driving Assistant) spreekt men van een niveau-2-systeem: de auto stuurt, gast en remt mee, maar jij blijft verantwoordelijk en moet de handen aan het stuur houden.
Verschil met gewone cruise control
Gewone cruise control houdt alleen een vaste snelheid; je moet zelf remmen als de voorligger langzamer rijdt. Een snelheidsbegrenzer (limiter) laat je niet harder rijden dan ingesteld, maar regelt verder niets. Adaptive cruise control doet beide én houdt afstand, waardoor het vooral op de snelweg en in files het verschil maakt.
Waar let je op bij een occasion met ACC?
- De radar zit achter het embleem of in de bumper. Na een aanrijding aan de voorkant moet hij opnieuw worden gekalibreerd; vraag bij schadeherstel naar het kalibratierapport.
- Is de voorruit vervangen, dan moet de camera erachter ook gekalibreerd zijn. Een foutmelding of een systeem dat "niet beschikbaar" blijft, wijst daarop.
- Test op de proefrit: schakelt het soepel bij een inhalende auto, remt het tijdig en rijdt het in de file weer aan (Stop & Go)?
- Bij zware regen, sneeuw of een vuile sensor schakelt ACC zichzelf uit; dat is normaal gedrag, geen defect.
Veelgestelde vragen
Verwante begrippen
Laatst bijgewerkt op . Terug naar de kennisbank.